
Dit artikel samenvatten met AI
AI-geletterdheid is de kennis en het begrip die je nodig hebt om bewust met AI te werken: weten wat een tool kan, waar hij de mist in gaat en wat het risico is voor de mensen over wie hij iets zegt. Scholen moeten daar sinds 2 februari 2025 aan werken voor hun personeel. Sinds 27 juli 2026 is die plicht wel afgezwakt. Veel uitleg online, ook van overheidssites, gaat nog uit van de oude tekst.
Wat is AI-geletterdheid volgens de AI Act?
De AI-verordening omschrijft AI-geletterdheid als de "vaardigheden, kennis en begrip" waarmee je "geïnformeerd AI-systemen" kunt inzetten en je "bewuster" wordt "van de kansen en risico's van AI en de mogelijke schade die zij kan veroorzaken". Dat staat in artikel 3, punt 56 van Verordening (EU) 2024/1689.
Voor een docent komt dat neer op vragen als: waarom verzint ChatGPT soms bronnen, wat zegt een AI-detectorscore wel en niet, en welke gegevens van leerlingen stop je er beter niet in. De Europese Commissie noemt in haar vragen en antwoorden over AI-geletterdheid zelf het voorbeeld van hallucinaties: ook wie alleen ChatGPT gebruikt om teksten te schrijven of te vertalen, moet die risico's kennen.
Wat is er sinds 27 juli 2026 veranderd?
De EU paste de AI Act aan met de zogenoemde Digital Omnibus, Verordening (EU) 2026/1744 van 8 juli 2026. Die trad op 27 juli 2026 in werking en herschreef artikel 4:
| Tot 27 juli 2026 | Sinds 27 juli 2026 | |
|---|---|---|
| De plicht | Maatregelen nemen om "zoveel als mogelijk, te zorgen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid" | Maatregelen nemen om "de ontwikkeling van AI-geletterdheid" te ondersteunen |
| Niveau | Een toereikend niveau | "Geen bepaald niveau" dat je moet waarborgen |
| Rol overheid | Niet geregeld | Commissie en lidstaten ondersteunen, de Commissie publiceert praktijkvoorbeelden |
De VO-raad vat het samen als een verschuiving van een resultaatsverplichting naar een inspanningsverplichting: medewerkers hoeven geen meetbaar eindniveau te halen, "maar er moet aantoonbaar iets gedaan zijn aan AI-geletterdheid". Afschaffen is het dus niet. Een school die niets doet, voldoet nog steeds niet.
Maar wat is "aantoonbaar iets"? Een ondergrens staat nergens. Dat maakt het voor scholen makkelijker, en tegelijk vager.
Geldt de plicht voor scholen en docenten?
Ja. De plicht ligt bij organisaties die AI-systemen inzetten, de "gebruiksverantwoordelijken" in de wettekst. Een school is volgens Kennisnet "doorgaans" zo'n gebruiksverantwoordelijke, bijvoorbeeld als docenten werken met een chatbot, een AI-detector of een adaptief leerplatform.
Artikel 4 gaat over het personeel en andere mensen die namens de school met AI werken. Leerlingen en studenten staan er niet in. Voor hen loopt het via het onderwijs zelf, zie verderop bij de kerndoelen.
Wat moet een school concreet doen?
De Commissie houdt het praktisch. Een certificaat voor AI-geletterdheid is niet verplicht, en je mag gewoon intern bijhouden welke trainingen en afspraken er zijn. Wat past, hangt af van wie met welke AI werkt. Per rol ziet dat er zo uit:
| Rol | Wat diegene moet weten | Bewijs dat er iets gedaan is |
|---|---|---|
| Docent | Hoe de tools in de les werken, waarom ze bronnen verzinnen, welke leerlinggegevens er niet in mogen | Een korte training of teamsessie, vastgelegd met datum |
| Examencommissie | Wat een AI-detectorscore wel en niet bewijst, hoe je AI-fraude onderzoekt | Een vastgesteld protocol voor vermoedens van AI-fraude |
| Schoolleiding | Welke AI-systemen de school gebruikt en welke daarvan onder de strengere regels vallen | Een overzicht van AI-systemen en een plan voor scholing |
| ICT en inkoop | Waar de data heen gaat en wat de leverancier ermee doet | Afspraken in het contract en een check op privacy |
Voor het po en vo heeft Kennisnet een raamwerk AI-geletterdheid met drie niveaus. Voor mbo, hbo en wo is er het programma AI-GO in Actie van Npuls.
Nodig is het wel. Volgens De Staat van het Onderwijs 2026 gebruikt ongeveer een kwart van de leraren in het po en een derde van de docenten in het vo AI, en vindt 88 procent (po) en 80 procent (vo) dat ze nog niet de kennis hebben om AI goed in te zetten. In het hoger onderwijs gebruikt 75 procent van de hbo-studenten en 69 procent van de wo-studenten AI minstens wekelijks, terwijl ongeveer 60 procent van de wo-studenten er geen instructie over krijgt.
Wie houdt toezicht, en kan een school een boete krijgen?
Het toezicht op AI-geletterdheid ligt bij nationale toezichthouders, die volgens de Commissie vanaf 2 augustus 2026 handhaven. In Nederland is dat nog niet rond. De Autoriteit Persoonsgegevens schreef op 9 oktober 2026: "De AP is beoogd markttoezichthouder op AI, maar nog niet aangewezen." Bevoegdheden krijgt de AP pas als de Nederlandse Uitvoeringswet AI-verordening van kracht is.
Een vaste boete voor artikel 4 staat niet in de AI Act. De bedragen in artikel 99 gaan over verboden AI en andere verplichtingen, en sancties voor de rest regelt elk land zelf. Ook die Nederlandse regels wachten op de uitvoeringswet (het kabinet schreef in een Kamerbrief van 20 april 2026 al dat die waarschijnlijk niet op tijd klaar zou zijn). Dat de plicht geldt, verandert daar niet door.
Hoe zit het met AI-geletterdheid voor leerlingen?
Voor leerlingen komt AI in de nieuwe kerndoelen digitale geletterdheid. Twee doelen gaan er specifiek over: "De leerling verkent AI" in het po en "De leerling verkent mogelijkheden en beperkingen van AI" in het vo. Volgens de Rijksoverheid gaan de vernieuwde kerndoelen naar verwachting op 1 augustus 2027 in, en hebben scholen tot augustus 2031 om ze in te voeren.
In het hoger onderwijs zijn er geen kerndoelen, en daar regelt elke opleiding het zelf. Dat leidt tot grote verschillen, zoals je ziet in AI-regels per hogeschool en universiteit.
Welke AI in het onderwijs valt onder de strengste regels?
Los van AI-geletterdheid kent de AI Act een categorie hoog-risico-AI. In bijlage III, punt 3 staan vier soorten AI-systemen in het onderwijs, telkens als ze daarvoor "bedoeld" zijn:
- 1Systemen die bepalen of iemand wordt toegelaten tot een opleiding.
- 2Systemen die leerresultaten evalueren, ook als dat het leerproces stuurt.
- 3Systemen die bepalen welk onderwijsniveau iemand krijgt.
- 4Systemen die ongeoorloofd gedrag van studenten tijdens toetsen monitoren en detecteren, zoals online proctoring.
De verplichtingen voor die systemen zouden op 2 augustus 2026 ingaan. De Omnibus schoof dat op naar 2 december 2027. Strenger nog is het verbod op AI die emoties van leerlingen of studenten afleidt: dat is in het onderwijs sinds februari 2025 niet toegestaan, behalve om medische of veiligheidsredenen.
Waar begin je als docent?
Begin bij de tools die je al gebruikt. Weet waarom een chatbot soms feiten verzint, en wat een AI-detector meet als je een werkstuk controleert. Een score van een detector is volgens de regels van onder meer de RUG en Utrecht geen bewijs van fraude, en de Raad van State eist dat AI-fraude buiten redelijke twijfel vaststaat. Hoe zo'n detector tot zijn score komt, lees je in hoe werkt een AI-detector, en hoe je een uitslag gebruikt bij het nakijken staat op de pagina AI-checker voor docenten.
