AI

RUG-psycholoog wil landelijke AI-basis voor het hoger onderwijs, met eigen regels per opleiding

DoorRemon Hendriksen·19 oktober 2026·6 min leestijd
RUG-psycholoog wil landelijke AI-basis voor het hoger onderwijs, met eigen regels per opleiding

Dit artikel samenvatten met AI

Ontwikkelingspsycholoog Bertus Jeronimus van de Rijksuniversiteit Groningen pleitte begin oktober voor een landelijke aanpak van AI op school. Voor het hoger onderwijs ziet hij dat anders: een publiek gefinancierde AI-basisvoorziening, met ruimte voor elke opleiding om eigen regels te maken. Dat vertelde hij AI-Checker.nl. Hoe groot die verschillen in regels nu al zijn, zochten wij uit bij 26 hogescholen en universiteiten.

Wat Jeronimus zei over AI op school

Jeronimus deed zijn oproep op 2 oktober bij Omrop Fryslân. Zijn vergelijking is de leesvaardigheid. Nederland haalde digiborden, laptops en iPads in huis zonder te vragen wat het moest opleveren, terwijl Ierland en Schotland het landelijk regelden. "Daar hebben ze het verval kunnen afbuigen. Hier hebben scholen nog veel vrije invulling."

Bij AI moet het anders. Hij ziet een eigen app van de overheid voor zich, afgebakend zoals Snappet op de basisschool, die kinderen helpt redeneren in plaats van antwoorden voorzegt. Open chatbots wil hij op school blokkeren. Op het hbo en de universiteit kan AI volgens hem juist goed werken, "daar gaat het meer om analyseren, nadenken en verantwoording afleggen".

Twee waarschuwingen uit het interview gelden voor iedereen die een chatbot gebruikt. AI is te positief: Jeronimus krijgt zelf steeds complimentjes als "wat ben je toch slim", en kinderen gaan dat geloven. En je hebt eigen kennis nodig om een antwoord te controleren. "Ik denk nog weleens: hé, dit getal is wel heel groot. Zou het wel kloppen?" Als hij de chatbot dan opnieuw laat rekenen, blijkt vaak dat er een fout in zat. Waarom dat gebeurt, lees je in wat is een AI-hallucinatie.

Wat Jeronimus wil voor het hoger onderwijs

Wij vroegen Jeronimus of zijn landelijke aanpak ook voor hogescholen en universiteiten moet gelden. Zijn uitgangspunt blijft dat AI het denken en leren moet ondersteunen, zonder het leerproces ongemerkt te vervangen. "Vanuit dat uitgangspunt zie ik sterke argumenten voor een landelijke AI-basisvoorziening in het hoger onderwijs, maar minder goede argumenten voor één verplichte overheidsbot met overal dezelfde didactische beperkingen."

Zo'n publiek gefinancierde voorziening kan volgens hem voorkomen dat toegang tot goede AI-hulp afhangt van het budget van een student of instelling. Toegang, privacy, beveiliging, kwaliteitscontrole en spelregels over bijvoorbeeld datagebruik en bewaartermijnen wil hij gezamenlijk organiseren. Hoe AI in een vak wordt gebruikt, is iets anders. "Instellingen en opleidingen moeten zelf kunnen bepalen hoe AI bij hun vakken, leerdoelen en toetsvormen past. Wat bij de ene opdracht het leerproces ondersteunt, kan bij een andere opdracht juist de vaardigheid vervangen die studenten moeten ontwikkelen of aantonen."

Ook de keuzevrijheid van studenten weegt voor hem mee. "Een publieke basisvoorziening moet een aanbod zijn, geen exclusief voorgeschreven hulpmiddel." Opleidingen mogen volgens Jeronimus voor een opdracht of toets beperkingen stellen, als ze die kunnen rechtvaardigen vanuit het leerdoel, de toetsing of de bescherming van gegevens, en als studenten ze vooraf kennen.

Verschillen tussen instellingen vindt hij daarom niet vanzelf een probleem. "Beleidsverschillen zijn niet automatisch een probleem; ze kunnen zowel willekeur als verantwoord maatwerk weerspiegelen. Problematisch wordt het wanneer vergelijkbare opdrachten zonder inhoudelijke rechtvaardiging verschillende regels hebben, of wanneer studenten pas achteraf ontdekken welke regels gelden."

Hoe verschillend regelen hogescholen en universiteiten AI?

In het hoger onderwijs bepaalt elke instelling zelf of studenten generatieve AI mogen gebruiken en of docenten een AI-detector mogen inzetten. Daardoor kan dezelfde opdracht op de ene campus gewoon mogen en op de andere als fraude gelden.

Wij zochten in oktober 2026 de openbare regels op van 26 hogescholen en universiteiten. In de tabel staan de 13 instellingen waarvan we de regel letterlijk op een openbare pagina konden terugvinden.

Instelling Wat de regel zegt
Universiteit MaastrichtKies je Turnitin als plagiaatcheck, dan wordt het werk automatisch ook op AI gecontroleerd. Volgens de FAQ van de bibliotheek alleen bij Engelse teksten, maar Turnitin ondersteunt sinds 6 oktober 2026 ook Nederlands. Gratis AI-detectors zijn niet toegestaan. Bron
Rijksuniversiteit GroningenScores van AI-detectors zijn geen bewijs van fraude, omdat ze onbetrouwbaar zijn. Sinds 1 juni 2026 gebruikt de RUG Turnitin als plagiaatscanner. Bron, UKrant
Universiteit UtrechtDocenten mogen studenten niet confronteren met de uitslag van AI-plagiaatsoftware en mogen die uitslag niet als bewijs gebruiken. Bron
Vrije Universiteit AmsterdamAI-detectors kunnen niet worden gebruikt, vanwege het privacyrisico en omdat ze erg onbetrouwbaar zijn. Bron
Universiteit LeidenDe AI-detectie van Turnitin staat sinds 16 juni 2023 uit, omdat de tool onbetrouwbaar bleek. Bron
TU EindhovenScores van Turnitin AI of GPTZero zijn alleen een indicatie. Bij een vermoeden van fraude kan een mondelinge check volgen. Bron
TU DelftStelt AI-detectieprogramma's voorlopig niet beschikbaar, uit angst voor valse beschuldigingen en verlies van vertrouwen tussen docent en student. Bron
Universiteit TwenteAI gebruiken zonder uitdrukkelijke toestemming van de docent en zonder vermelding in een bijlage is academisch wangedrag. Bron
Tilburg University (TSHD)AI is niet toegestaan, tenzij de docent uitdrukkelijk iets anders zegt. Bron
FontysGeneratieve AI mag worden gebruikt, mits je vermeldt welke tools je inzette. De AI-detectie in de plagiaattool staat sinds 5 september 2023 uit. Bron
Hogeschool UtrechtDocenten mogen geen AI-scanners inzetten, volgens de AI-handreiking van de HU. Bron
Hogeschool van AmsterdamAI-detectietools werken onvoldoende en geven vaak foutieve resultaten, dus de HvA zet in op toetsontwerp. Bron
Avans HogeschoolHet AI-team pleit tegen tools die controleren of iets met AI is gemaakt, en voor vaker mondeling toetsen bij twijfel. Bron

Bron: openbare pagina's van de instellingen en hun onderwijsmedia, gecontroleerd op 18 oktober 2026. Welke detector elke instelling gebruikt, staat in welke AI-detector gebruiken docenten.

Twee dingen springen eruit. Bij Fontys is generatieve AI standaard toegestaan, bij Tilburg en Twente standaard niet. En Maastricht is in dit rijtje de enige die AI-detectie automatisch aan heeft staan. Tot voor kort sloeg die check Nederlandse teksten over, maar op 6 oktober 2026 zette Turnitin AI-detectie voor Nederlands aan voor elke klant die AI-detectie gebruikt. De FAQ van Maastricht zegt nog het oude. Wat dat voor jouw tekst betekent, lees je in Turnitin AI-detectie: wat ziet je docent?

Waar alle instellingen het over eens zijn

Over één ding lopen de regels niet uiteen: een score van een AI-detector is nooit genoeg om een student van fraude te beschuldigen. Dat staat letterlijk in de regels van de RUG, Utrecht en de TU Eindhoven, en ook in de handreiking van het landelijke programma Npuls: "Een verdenking staven met een hoge score van een detectietool is nooit voldoende bewijs."

De Raad van State legde de lat deze zomer nog hoger. In drie zaken oordeelde de hoogste bestuursrechter dat AI-fraude "buiten redelijke twijfel" moet vaststaan, meldde Vox op 2 september 2026.

Dat de vraag speelt, blijkt uit het rapport van de Inspectie van het Onderwijs over examencommissies van december 2025. Ongeveer 80 procent van de examencommissies had eind 2024 al te maken met (vermoedens van) fraude met generatieve AI, en veel commissies vinden die fraude lastiger te bewijzen dan andere vormen. De inspectie riep instellingen op om van elkaar te leren in hoe ze met generatieve AI omgaan.

Studenten weten vaak niet welke regel geldt

Het tweede probleem dat Jeronimus noemt, studenten die pas achteraf ontdekken welke regel geldt, zie je terug in onderzoek. Uit een enquête van de Open Universiteit uit de zomer van 2024 bleek dat 70 procent van de studenten niet wist of hun instelling beleid had voor generatieve AI. Van de docenten zei 62 procent geen duidelijke richtlijnen te kennen voor AI in hun eigen onderwijs.

Daar komt bij dat de regel vaak niet op instellingsniveau ligt. Bij de RUG kan een faculteit, opleiding of vak er een eigen regel bovenop zetten. Utrecht werkt in het onderwijs met een AI-index van vijf niveaus, die aangeeft hoeveel AI je mag gebruiken. Wie van opleiding wisselt of een minor elders volgt, krijgt dus ook andere regels, en niemand die je daar standaard op wijst wanneer je je inschrijft, want de regel staat meestal diep in een studiegids of op een intranetpagina waar je pas komt als je hem zoekt. Lastig.

Zo vind je de regel die voor jou geldt

Studeer je, dan helpen deze drie stappen om te weten wat er voor jouw opdracht geldt:

  • 1Kijk eerst in de studiehandleiding of opdrachtomschrijving van het vak. Daar staat de strengste en meest specifieke regel. Bij Utrecht staat daar het niveau van de AI-index.
  • 2Staat er niets, zoek dan de algemene AI-regel van je opleiding of faculteit op. Die is bij Tilburg en Twente anders dan bij Fontys, dus ga niet uit van wat een vriend op een andere school mag.
  • 3Twijfel je nog, vraag het dan per mail aan je docent. Een schriftelijk antwoord heb je zwart op wit als er later vragen komen. Gebruik je AI, vermeld dat dan zoals je instelling het voorschrijft, bijvoorbeeld met een bronvermelding voor ChatGPT.

Ben je docent, dan is het stappenplan korter. Zet in de opdracht welk AI-gebruik mag, en behandel een detectorscore als aanleiding voor een gesprek. Een mondelinge toelichting op het werk is bij de TU Eindhoven en Avans de manier om twijfel weg te nemen.

Een AI-detector zoals de AI Checker geeft een waarschijnlijkheid op basis van zinsbouw en woordkeuze (geen bewijs, en daar hebben de instellingen gelijk in). Daar is hij goed voor: zien welke passages op AI-tekst lijken voordat je iets inlevert of beoordeelt. Hoe die inschatting tot stand komt, lees je in hoe werkt een AI-detector.

Remon Hendriksen

Over de auteur

Remon Hendriksen

AI Expert

Specialist in AI en machine learning